verkiezingsprogramma: Liberaal WaterBEHEER
Het verkiezingsprogramma van
de VVD voor de verkiezingen
in het Hoogheemraadschap van
Rijnland in 2008.
Van oudsher kennen waterschappen geen politieke invloed, omdat tot
nu toe bij verkiezingen niet op partijen maar alleen op personen kon worden
gestemd. Dit gebruik kwam voort uit de lange geschiedenis van de waterschappen
als oudste democratisch gekozen bestuur van ons land. Het waterschap werd
betaald en bestuurd door mensen en bedrijven die direct belang hadden bij de
taken van het waterschap. De kiezers kenden de kandidaten op wie zij stemden
meestal persoonlijk.
Vanaf
de jaren ’50 van de vorige eeuw is het aantal waterschappen van zo’n 2500
teruggebracht naar 26 nu. Doordat de waterschappen nu veel groter zijn, werkt
een bestuur waarbij alleen op mensen werd gestemd niet meer. De afstand tussen
kiezers en gekozenen is te groot geworden, terwijl het aantal taken van de
waterschappen juist is toegenomen. Daarom is het lijstenstelsel ingevoerd waarbij
kan worden gestemd op belanghebbende groeperingen en politieke partijen, net
als bij de lokale, provinciale, landelijke en Europese verkiezingen. De VVD is
van mening dat het bestuur van de waterschappen hierdoor democratischer en
herkenbaarder wordt. We doen dan ook graag mee met de verkiezingen.
Het
belang van de taken van het waterschap is groot. Een groot deel van ons land
ligt onder zeeniveau en de belangrijkste taak van het waterschap is dan ook om
het land droog te houden. Het waterschap is de aangewezen organisatie om vanuit
een lange traditie van kennis en kunde uitvoering te geven aan de zorg voor
veiligheid, een goed waterbeheer en een goede waterkwaliteit. Er is een
belangrijke taak weggelegd met het oog op de gevolgen van klimaatverandering.
Het
waterschap is niet alleen uitvoerend, maar ontwikkelt, binnen de kaders die
andere overheden stellen, ook eigen beleid.
De
VVD ziet de waterschapstaken als essentieel voor de veiligheid en leefbaarheid
in ons land en voor de toekomst van onze economie. Voor de uitvoering van alle
wettelijke taken heft het waterschap belastingen, de omslagheffing voor alle
taken waar het waterschap voor staat met uitzondering van de
verontreinigingsheffing voor het zuiveren van het afvalwater.
Taken
van het waterschap
• Veiligheid: Het beheer en onderhoud van
waterkeringen, zowel duinen als dijken.
• Droge voeten: De zorg voor waterbeheer,
peil handhaven bij veel neerslag en bij droogte. Om het water op peil te houden
worden installaties zoals gemalen en sluizen gebruikt.
• Schoon water: De zorg voor en de
handhaving van de waterkwaliteit van het oppervlaktewater en het zuiveren van
afvalwater, waaronder begrepen de controle op lozingen van water op de
watergangen.
In
het gebied van Rijnland is vooral de ligging aan de Noordzee en onder zeeniveau
van belang en daarmee de bijzondere zorg voor kust en dijken en watersystemen
die gevoed worden door de rivier de Rijn. De kwaliteit en hoeveelheid water is
van die rivieren afhankelijk. Ook is er invloed van zout (kwel)water op het
grondgebruik.
Rijnland
kenmerkt zich door een groot aantal inwoners, grote stedelijke gebieden,
belangrijke industriële en logistieke centra, maar ook grote agrarische
gebieden, karakteristieke polder- landschappen en natuur. De samenhang van dit
alles vraagt om meer dan standaard zorg voor veiligheid, waterbeheer, een goede
waterkwaliteit en bovenal een goede afweging en inpassing van alle belangen in
de samenleving waarin het waterschap een belangrijke speler is en moet blijven.
Voor een groot deel
van de provincie Zuid Holland en een stuk van Noord Holland is het
Hoogheemraadschap van Rijnland het waterschap dat ervoor zorgt dat we droge
voeten houden en de zorg heeft voor de kwaliteit van onze wateren. Bijzondere
zorg vereisen ook peil en kwaliteit van de diepere grondwaterlagen.
De VVD wil op het
gebied van de “waterpolitiek” een voortrekkersrol vervullen, dat blijkt uit het
project Nederland Waterland waarin de VVD haar beleid op het gebied van water
presenteert, maar bijvoorbeeld ook uit de initiatieven die vanuit provinciale
staten van Zuid Holland ( Plan Waterman), met name door VVD zijn genomen op het
gebied van kustverdediging en landaanwinning door kustuitbreiding of een eiland
in zee.
Voor de verkiezingen
van ons Hoogheemraadschap heeft de VVD een programma opgesteld, waarin onze
prioriteiten naar voren komen.
Hieronder vindt u de
10 punten voor “Liberaal Water in Rijnland”.
Uitgangspunt daarbij is de juiste hoeveelheid water met de
juiste kwaliteit op het juiste moment op de juiste plaats tegen de laagst
mogelijke kosten getoetst aan de normen van doelmatigheid en doeltreffendheid.
Daar zorgt Rijnland
al vele jaren voor en dat staat niet ter discussie, maar we moeten wel
prioriteiten stellen en de hierboven genoemde ontwikkelingen vragen dat ook van
ons; vragen waarop de VVD in Rijnland
heldere en goed onderbouwde antwoorden geeft.
1. Veiligheid
Veiligheid betekent
dat bescherming tegen water vanuit zee en van de grote rivieren de allerhoogste
prioriteit heeft. De VVD vindt het onaanvaardbaar dat er waterkeringen zijn die
niet voldoen aan de door de overheid gestelde normen in de Wet op de
Waterkering. Waterschappen zijn verantwoordelijk voor beheer en onderhoud van
de waterkeringen en die taak dienen ze naar behoren uit te voeren.
De VVD vindt dat
aanpassing van de primaire waterkeringen volledig door het Rijk moet worden
gefinancierd. Er mogen geen waterkeringen meer zijn die het predikaat
‘onvoldoende’ hebben volgens de huidige normen of waarvan de toestand
onduidelijk is.
De VVD erkent dat dit een probleem is dat niet door individuele waterschappen kan worden opgelost en zoekt voor de oplossing van het veiligheidsprobleem naar samenwerking met naburige waterschappen en de Unie van waterschappen.
2. Waterschapslasten
De VVD is er zich van
bewust dat de taken van het waterschap geld kosten, maar zal zich altijd sterk
maken voor kostenbeheersing. Dit zowel voor burgers en bedrijven. Waar mogelijk
en gewenst kan de uitvoering worden opgedragen aan de markt.
De VVD bepleit dat we
voor wat betreft het uitvoeren van Europese regelgeving niet meer doen dan
nodig.
Rijnland moet
reserves hebben, maar die moeten niet groter zijn dan voor een verantwoord
weerstandsvermogen noodzakelijk is. Het moet altijd duidelijk zijn welke
bedragen worden besteed aan welke voorzieningen. De heffingen voor
afvalwaterzuivering moet gebaseerd zijn op het watergebruik van een huishouden.
3. Eenvoudige
regelgeving
In het werkgebied van
Rijnland hebben we Schiphol als mainport en drie Greenports: de Bollenstreek, de boomkwekerijen in Boskoop
en de bloementeelt in Aalsmeer. Al deze bedrijven zijn concurrerend op de
wereldmarkt en van groot belang voor onze werkgelegenheid. Tevens is de
bestaande kuststrook, een uniek recreatiegebied met internationale
aantrekkingskracht, een economische motor. Als mederegelgever dient het
Hoogheemraadschap van Rijnland hier een bijdrage aan te leveren.
De VVD hecht veel
waarde aan een goede verhouding tussen het bedrijfsleven en het waterschap. De
VVD pleit voor een eenvoudiger en begrijpelijke regelgeving, één loket voor
vragen, vergunningen en service, beter gestructureerde handhaving en optimale
digitale bereikbaarheid. De VVD is tegen overregulering.
De VVD wil dat Rijnland in overleg treedt met andere
besturen (gemeente, provincie) om één vergunning in plaats van diverse
vergunningen door diverse bestuurslagen mogelijk te maken. De VVD wenst de
regel in te voeren dat wanneer de aanvraagtermijn is verstreken zonder reactie
van de overheid/waterschap, de vergunning geacht wordt te zijn verleend.
Waterpeil en
kwaliteit van het water moeten in overeenstemming zijn met de functie(s)
waarvoor het water is bestemd
4. Communicatie
en draagvlak
De VVD vindt dat aan
inwoners en het bedrijfsleven nog beter duidelijk moet worden gemaakt wat het
belang is van het waterschapswerk. Wat nodig is om te wonen, werken en
recreëren in dit deel van het land en hoe het waterschap daar invulling aan
geeft. De nieuwe bestuurswijze van de waterschappen is voor de VVD een
geweldige kans het waterschap nog dichter bij de burgers, agrariërs en
bedrijven te brengen.
Bestuurders hebben
een mandaat. Maar dat gebruiken ze alleen goed als ze steeds met hun kiezers in
contact zijn en aan hen verantwoording afleggen en dat zullen in ieder geval de
VVD bestuurders ook doen.
5. Een effectief
waterbeheer: samenwerken
Goed waterbeheer
betekent zowel maatregelen tegen wateroverlast als maatregelen tegen
verdroging: ook de beschikbaarheid van water is een taak van Rijnland.
Bij het waterbeheer
is de economische invalshoek van belang voor de bedrijven in het gebied van
Rijnland, de VVD is voorstander van een beheersing van het grondwaterpeil dat
daarmee rekening houdt. Hierbij geldt in principe het uitgangspunt “peil volgt
functie”.
Effectief waterbeheer
vereist ook (deels zelfs verplichte) samenwerking tussen alle betrokken
besturen, waarbij niet iedereen alleen naar zijn eigen terrein moet kijken, maar zich ook verantwoordelijkheid
voelt voor de hele keten. Dit kan bijvoorbeeld worden geconcretiseerd in
gemeentelijke waterbeheerplannen, die in gezamenlijk overleg tussen gemeenten
en Rijnland worden opgesteld. Bij samenwerking richt de VVD zich ook op het
behalen van efficiencyvoordelen.
Rijnland zal op tal
van terreinen moeten samenwerken met de volgende instanties:
·
Provincies,
rijk en gemeenten, over de hoofdlijnen van het waterbeleid en de financiering
ervan, zeker bij grote projecten en bij de opstelling van de hiervoor genoemde
waterbeheerplannen
·
Kennisinstituten,
universiteiten en hogescholen, over innovatie in waterbeheer en waterzuivering
·
Andere
waterschappen en de Unie van waterschappen, zowel voor het gezamenlijk opdoen
en delen van kennis als om via schaalvergroting efficiencyvoordelen te
bereiken, bijvoorbeeld bij de waterzuivering. Daarbij kan ook een proces van “benchmarking” nuttig zijn: waterschappen vergelijken hun
kosten en prestaties met elkaar.
6. Klimaatverandering
Bij
klimaatverandering zullen invloeden vanuit zee en de rivierafvoeren belangrijker
worden. De VVD is van mening dat er vroegtijdig, samen met andere overheden,
ingespeeld moet worden op onze toekomstige veiligheid. Alle potentiële risico’s
in ons dichtbevolkte gebied met zoveel kennis- en kapitaalintensieve bedrijven
moeten goed in kaart worden gebracht. Kansen voor waterberging moeten worden
gekoppeld met stedelijke uitbreiding, aanleg van bedrijventerreinen,
infrastructuur, nieuwe natuur en recreatie.
Voor Rijnland
betekent dat werk op twee niveaus: Aan de ene kant maatregelen die rekening
houden met een andere waterhuishouding ( in bepaalde perioden meer regen, op
andere tijden en plaatsen juist meer verdroging, stijging van de zeespiegel) en
aan de andere kant door een duurzame bedrijfsvoering bijdragen aan de beperking
van de CO 2 uitstoot, bijvoorbeeld door energiewinning uit waterzuivering en
afvalwater, energiezuinige gebouwen en transportmiddelen.
7. Recreatie
De VVD heeft oog voor
de recreant en de natuurbeschermer die om een steeds betere kwaliteit van de
oppervlaktewateren vragen. Bij watergebonden activiteiten zoals jachthavens,
recreatie en hengelsport moet het waterschap mogelijkheden voor deze
activiteiten faciliteren binnen haar taakgebied en bij de uitvoering ervan een
belangrijke stem hebben.
De recreatieve, en daarmee economische aspecten van
badplaatsen aan de kust, met name in de primaire kustverdedigingszone,
moeten medebepalend zijn in de aanpak van de versterking van de zwakke
schakels.
8. Wateropslag
De VVD maakt zich
sterk voor het grote belang van de burger én het bedrijfsleven bij voldoende
water van goede kwaliteit.
Door de
klimaatproblematiek moet water ruimte in bestemmingsplannen krijgen, door het
beter benutten van bestaande wateropslagcapaciteit en voorts door middel van
overloop- en retentiegebieden en opslagbekkens. Hiernaast moeten ook de
noodzaak en mogelijkheid worden onderzocht van grootschalige aanvoer van
zoetwater uit verder weg gelegen gebieden.
Bouwen in lage gebieden eist een grondige analyse vooraf waarin water
vanaf het begin wordt meegenomen; helderheid over alle gevolgen en
verantwoordelijkheid voor overheid en toekomstige bewoners en voor de
waterhuishouding zelf voordat we bouwen.
Wateropslag kan op
stedelijk niveau via waterlopen en vijvers ook bijdragen aan de leefbaarheid
van woonwijken, waarbij wel de veiligheid en gezondheid in acht moeten worden
genomen.
9. Innovatie
biedt kansen
Nederland en de
waterschappen hebben al een grote kennis op watergebied en door uitbouw van die
kennis kunnen de waterschappen gezamenlijk in samenwerking met de
kennisinstellingen en het bedrijfsleven een beter en efficiënter waterbeleid
voeren. Daarbij moeten steeds betaalbaarheid en rendement van nieuwe
technologie voorop staan.
Bijvoorbeeld:
·
Nieuwe waterzuiveringstechnieken,
bijvoorbeeld voor zuivering aan de bron;
·
Nieuwe monitoringsystemen, waardoor de toestand van dijken direct
kan worden vastgelegd (door de toepassing van hoogwaardige technologie,
bijvoorbeeld door waarnemingen vanuit de lucht);
·
Mogelijkheden
van wonen op het water als een van de innovatie-elementen in de bouw;
·
Nieuwe vormen
van samenwerking en financiering, zoals publiek private samenwerking (PPS) bij
het bouwen en exploiteren van voorzieningen ( waterzuivering, recreatie);
·
Nieuwe
constructies voor waterkeringen;
·
Landaanwinning.
Er bestaan al jaren plannen voor de landaanwinning voor de kust van Nederland
en/of voor de bouw van een eiland(en) in de zee. Dit kan een goede oplossing
zijn voor ons gebrek aan ruimte, of voor beveiliging van onze kust en
we kunnen laten zien waar we waterbouwkundig toe in staat zijn. Maar een eiland
in zee mag nooit een doel op zich zijn en altijd zal rekening gehouden moeten
worden met de bestaande recreatieve, economische en landschappelijke waarden en
de natuur.
10. Kennis
exporteren
Waterbeheer is
wereldwijd een belangrijk onderwerp dat veel problemen oplevert en de in
Nederland aanwezige expertise kan meehelpen die problemen op te lossen. Daar
ligt ook een taak van de waterschappen, zowel technisch als organisatorisch. De
kosten van die activiteiten moeten niet door de inwoners van Rijnland worden
opgebracht; daar zijn de budgetten van Ontwikkelingssamenwerking en de EU voor
bestemd.